Educatieve technologie in het onderwijs bestaat uit alle technologie in het onderwijs. Dit zijn zowel de apparaten, zoals computers, tablets, smartphones en digiborden, als alle software, zoals onderwijsgames, digitale leermiddelen en individuele adaptieve leermiddelen.

Er zijn verschillende manieren hoe educatieve technologie ingezet kan worden binnen het onderwijs.

Om helderheid te scheppen zullen we hieronder twee modellen behandelen die je handvatten kunnen bieden om educatieve technologie in te zetten. We starten met het SAMR-model.

Het SAMR-model 

Dit model, van Puentedura, is gebaseerd op de functie die technologie kan hebben in een school. Het model maakt daarbij onderscheid tussen vier verschillende manieren waarbij technologie een rol kan spelen in de les. Deze vier vormen staan hieronder verder uitgewerkt:

Herdefiniëring:

Educatieve technologie zorgt voor vernieuwing van lesgeven en leren. Docenten en leerlingen kunnen nieuwe taken uitvoeren, die zonder educatieve technologie niet uitgevoerd kunnen worden.

Denk hierbij aan:

  • Online delen van bestanden en deelnemers laten meedenken;
  • Reageren of om ervaringen te delen;
  • Werk online inleveren en beoordelen.

Verandering:

Educatieve technologie veranderd de manier van werken, maar er wordt wel gewerkt vanuit het standaard curriculum.

Denk hierbij aan:

  • Het gebruik van email;
  • Social media.

Versterking:

Educatieve technologie functioneert als vervanging van een onderdeel, maar voegt ook iets nieuws toe.

Denk hierbij aan:

  • ‘Knippen en plakken’ in een tekstverwerker

Vervanging:

Technologie functioneert als directe manier om een niet-technologisch onderdeel te vervangen. Denk aan een tekstverwerker als vervanger van pen en papier.

Het SAMR-model is vooral een hulpmiddel om na te denken over op welke manier nieuwe technologie geïntegreerd kan worden in de school. Het biedt daarbij echter geen handvatten óm deze technologie te integreren: het dient slechts als middel om na te denken over deze integratie. Dit model helpt wel erg goed als het gaat over het nadenken over de functie van bijvoorbeeld ICT in de klas, waardoor je de beste mogelijkheden weet te vinden.

Het TPack-Model

Het TPACK-model is ontwikkeld door Matthew Koehler en Punya Mishra en is een manier om te kijken hoe je ICT het meest optimaal kan gebruiken tijdens je lessen. Het model gaat uit van de specifieke deskundigheid/vaardigheid van jou als leraar. Jouw vermogen om de kennis en de vaardigheden die bij een vak horen, op een aantrekkelijke en begrijpelijke manier te presenteren aan de leerling met behulp van ICT.

Het TPACK-model kan je helpen bij het maken van keuzes over hoe ICT ingezet kan worden om je lessen te verrijken. Daarnaast helpt het TPACK-model om kritisch te kijken naar je eigen kennis en kennis die je misschien nog wel nodig zou moeten hebben. Deze kennis is nodig om ICT zinvol in te kunnen zetten binnen bepaalde vakken met behulp van een bepaalde didactiek.

Onderdelen Tpack-model

Het TPACK-model gaat uit van de volgende onderdelen;

  • Vakinhoudelijke kennis (PCK)
  • Didactische kennis (TPK)
  • Technologische kennis (TCK)

Dus bij het maken van een les zou je rekening moeten houden met deze 3 onderdelen, daarnaast houd je natuurlijk ook rekening met je doelgroep, groepssamenstelling etc. (waar je normaliter ook rekening mee houdt).